Bijna onder ieder krantenartikel kom je ze tegenwoordig wel tegen: ongenuanceerde, harde meningen. Onder een bericht over winkeldiefstal: “Laat me raden, hij/zij kwam vast niet uit Nederland.” En onder een artikel over jongeren op een fatbike: “Rijden veel te hard, asociaal volk.” Afgelopen zag ik een soortgelijk iets bij een artikel over “Diftar” en het feit dat de gemeente Nunspeet maatregelen moet treffen om afvalinzameling ook in de toekomst betaalbaar te houden. Soms vraag ik me af: waarom moet iedereen altijd overal (vaak negatief) op reageren? En veel belangrijker: wat zegt dat over hoe we met elkaar omgaan?
De rol van media en informatiesnelheid
Tegenwoordig vormen veel mensen hun mening op basis van krantenkoppen, TikTok-shorts, Reels op Instagram en het scrollen door artikelen op facebook. We scrollen voortdurend van indruk naar indruk en worden gestuurd door een algoritme dat sensatie verkiest boven diepgang.
Sensatie verkoopt namelijk. Journalisten worden niet beloont omdat ze een inhoudelijk goed stuk hebben geschreven, maar omdat ze veel clicks en likes weten binnen te slepen. Journalistiek die polariseert scoort nou eenmaal beter dan journalistiek die nuance brengt. Helaas denk ik dat dit ook gevolgen heeft. Het voedt namelijk een beeld van de wereld die negatiever, gevaarlijker, vijandiger en meer verdeeld lijkt, dan dat hij in werkelijkheid is. Of nouja, misschien nu ook wel is, maar niet zo zou hoeven zijn. Ik denk persoonlijk namelijk dat de roep naar verbinding en het elkaar vinden in het (politieke) midden groter is dan ooit tevoren.
Wat doet dat met onze samenleving?
Het hebben van vooroordelen lijkt normaal te zijn geworden. Politieke standpunten worden harder, soms zelfs extremer. Een groeiend gevoel van onveiligheid dat niet is gebaseerd op feiten, maar verhalen. En wat ik persoonlijk misschien nog wel het meest zorgelijke vind: we zijn steeds minder nieuwsgierig naar de daadwerkelijke mening van een ander. We zijn vooral met onszelf bezig en het roepen van van alles op social media. Want waarom in gesprek gaan als je het antwoord toch zelf al beter weet?
Een pleidooi voor nuance
Niet elke jongere die op een fatbike rijdt, is asociaal of rijdt te hard. Niet alle immigranten zijn criminelen. Niet elke politicus is een leugenaar. Door iedereen te labelen, stoppen we met het serieus nemen van elkaar. We luisteren niet om elkaar beter te begrijpen, maar vooral om zelf gelijk te krijgen. Dat terwijl juist nu, in een tijd voor uitdagingen, het verschil zit in de bereidheid om op zoek te gaan naar verhaal achter het verhaal in plaats van alleen de krantenkop.
Wat kunnen we lokaal doen?
Gelukkig begint verandering klein. In onze gemeente, in onze wijk, aan onze keukentafel. Wat kunnen we doen?
Tot slot: we doen dit samen
We kunnen de wereld niet in ons eentje veranderen. Maar we kunnen wél beginnen in onze eigen omgeving. Met openheid. Met vragen stellen. Met het oefenen van empathie. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat het nodig is.
De kracht van nuance is misschien wel onze belangrijkste gereedschapskist tegen cynisme en verdeeldheid. Laten we diekist samen openmaken.



